De regeling ‘Melden vermoeden van een misstand sector VO' voor scholen in het voortgezet onderwijs biedt werknemers en - als bijzonderheid - ook ouders en leerlingen een heldere en veilige procedure voor het kunnen doen van meldingen.
De regeling past binnen het ‘good governance' beleid van de sector voortgezet onderwijs en voorziet erin dat de melder (en de vertrouwenspersoon) beter wordt beschermd. Zij moet bevorderen dat misstanden ook daadwerkelijk worden gemeld.
Een melder van een vermoede misstand maakt deze allereerst kenbaar bij het bestuur van de school of eventueel de toezichthouder. Het bestuur moet de melding serieus (laten) onderzoeken. Als daar aanleiding voor is, moet het ook passende maatregelen treffen voor het opheffen van de misstand of het voorkomen van herhalingen in de toekomst. Als de interne procedure niet tot een bevredigend resultaat leidt, kan de melder volgens de regeling naar een externe onafhankelijke commissie stappen, de ‘Commissie Integriteit VO'. Het secretariaat daarvan is ondergebracht bij het CAOP. De VO-raad vertegenwoordigt 334 schoolbesturen en ruim 600 scholen in het voortgezet onderwijs.
Bronnen: VO-raad, CAOP
|